• Home
  • Over MC
  • Sponsors
  • What if we forget?

MOUNT COACH

~ alpine climbing project

MOUNT COACH

Categorie Archief: Coach

The Towers of Pain(e)

22 zondag jan 2012

Toegevoegd door sannebosteels in Bram en Marijke klimwereldreis, Coach

≈ Geef een reactie

Tags

Alpinisme, An Laenen, Bram Vandendriessche, Marijke De Coninck, Monzino, patagonia, Sanne Bosteels, Torres del Paine

De Torres del Paine's indrukwekkende oostwand ©Bram

Ondertussen zijn we al weer ruim drie weken in het uiterste zuiden van Chili. Na het verslag van onze laatste geslaagde beklimming in El Chaltén (Argentinië), halverwege december, heb ik niets meer geschreven. Een verslag van die (moeilijke) weken volgt later, eerst onze belevenissen hier in het nationaal park Torres del Paine.

Het hoogste punt bereikt in onze pogingen op de Fitzroy ©Sanne

Op 31 december komen we vermoeid aan in Puerto Natales, waar zee en bergen elkaar harmonieus ontmoeten. Het eerste dat we horen, is dat het beroemde nationale park in de fik staat, een onachtzame Israëli heeft de enorme bosbrand veroorzaakt. Een ramp voor het park, de natuur, fauna en flora, maar ook voor de lokale economie. Er werd aangekondigd dat het park voor de hele maand januari gesloten zou blijven om van de brand te bekomen. Wat teleurgesteld vieren we Nieuwjaar en besluiten om de volgende ferry naar het noorden te nemen en te gaan klimmen in Cochamo. Op 1 januari gaan we sportklimmen aan de laguna Sofia, om hier toch iets geklommen te hebben. Een wilde plek tussen de condors.

Klimmen tussen de condors aan laguna Sofia ©Sanne

Op 2 januari hebben we al boarding passes in de hand voor de ferry, als we de geruchten horen dat een deel van het park toch open zou gaan, nb het gedeelte waar we willen klimmen. In een impuls ruilen we onze tickets voor de ferry weer om en we blijven. Het park zou ten vroegste over enkele dagen open gaan en we maken van de gelegenheid gebruik om even naar Punta Arenas te reizen, aan de Estrecha Magellanes. De zuidelijkste stad van Chili  (het bekendere Ushuaia ligt iets zuidelijker en is in Argentinië) is vrij mooi en we doen er een fantastische boottocht naar een eiland met een grote pinguïnkolonie.

Magellaanse pinguïns op Isla Magdalena ©Sanne

Ondertussen bleken de geruchten gegrond en op 6 januari komen we gepakt en gezakt voor ruim 10 dagen klimmen als eerste klimmers aan de gate van het park.  De administratieve formaliteiten nemen wat tijd in beslag, maar dezelfde dag stijgen we, met twee van onze vier zakken, in naar het campamento Japones, onderaan de Valle del Silencio. Dit kamp is enkel voor klimmers toegelaten en we zijn er helemaal alleen. Afgezien van wolken muggen dan. De volgende dag doen we hetzelfde traject op en neer om onze laatste twee zakken op te halen.

Tijdens de vele trajectjes omhoog met materiaal ©Sanne

Campamento Japones ligt nog erg ver van de routes en geplaagd door de muggen, gaan we op zoek naar een beter onderkomen. Een uur stappen hogerop, ligt er een bivak onder een gigantische boulder, een beetje muf en er is geen water. Nog wat hogerop vinden we een mooi zanderig plekje, beschut door wat boulders en met water. We besluiten om alles hierheen te verhuizen.  Nog een dag later zijn we hier volledig geïnstalleerd, nu nog wachten op mooi weer. Dat komt er niet snel aan en nadat we onze tent stevig verankerd hebben en verzwaard met wat stenen, dalen we in een stevige blizzard af en reizen terug naar Puerto Natales (een busrit van 2 à 3 uur).

Ons basiskamp onderaan de Torres ©Sanne

Ons basiskamp een paar dagen later ©Bram

Hier bekomen we van de geleverde inspanningen met lekker eten, drinken, een sauna en massage. Beter dan in de door storm geteisterde Valle del Silencio ;-) Dezelfde dag komen ook Marijke en Bram aan in Natales en we maken plannen om samen met het volgende window terug naar boven te gaan. Terwijl Marijke en Bram al naar het park trekken, gaan An en ik nog een dag zeekajakken, een nieuwe belevenis. De voorspelingen zijn goed voor twee dagen en op nog erg stormachtige zaterdag 14 januari stijgen we terug in. In campamento Japones vertellen Marijke en Bram ons dat er niet veel overschiet van ons tentje. We gaan toch verder naar boven en vinden onze tent terug, op dezelfde plek, maar aan flarden. Een stok heeft het begeven en zo het zeil gescheurd. Dankzij de stenen is de tent wel op zijn plaats gebleven en zijn we verder geen materiaal kwijt. In de gietende regen ruimen we alles op en verhuizen (nog maar eens) naar de het bivak onder de boulder, een paar honderd meter lager. Met de restanten van onze tent kunnen we het hier nog wat schappelijk maken en eten hebben we meer dan voldoende.

De schaduw van de Torres op Escudo ©Sanne

De volgende dag is het kort na de voormiddag stralend weer en we gaan de instijg al wat verkennen. Die blijkt nog bijzonder lang en zwaar te zijn, ook al leken de torens vlakbij.  We volgen de route, zoals ze vaag beschreven staat op internet, door zeer onaangenaam terrein. Ongeveer een uur verwijderd van de wand, komen we op een beschutte plek waar je kan bivakkeren. Een sympathieke Spaanse soloklimmer, Pedro Cifuentes, komt ook omhoog, met zijn support-team. Hij komt hier al meer dan 10 jaar en toont ons een aangenamere instijg door een droge geul. We laten ons klimgerief hier achter en dalen langs de voorgestelde route weer af. Marijke en Bram doen hetzelfde en ’s avonds bivakkeren we met z’n vieren aan de start van deze snellere instijg. Een kleine waterval markeert deze plek en zorgt voor water.

avondlicht op de Torres' westwand vanuit ons bivak ©Bram

Maandag 16 januari moet de dag worden. Om vier uur staan we op, het is windstil en de sterren staan al om. In amper 45’ zijn we terug bij het bivak van de Spanjaarden, waar we ons klimmateriaal oppikken. Hier deden we gisteren, bij daglicht, 2 uur over. Duidelijk een betere route. Van hier gaat het verder over brokkelig terrein en na nog eens 45’ staan we onderaan de westwand van de Torre Norte. An en ik wilden langs “Cornwall” klimmen, een route van 8 lengtes die hogerop de laatste touwlengtes van Monzino vervoegd. Marijke en Bram gaan direct voor de Monzino en duiken in de geul tussen Torre Norte en Central.

Sanne in de crux van "Monzino" ©Bram

Het is ijskoud in de westwand en we kunnen de zon pas verwachten tegen 13u. Nadat we de eerste twee lengtes (4 & 5+) geklommen hebben zijn An en ik totaal bevroren. Bovendien hangt er ijs in de derde lengte en we dalen wijselijk terug af. Snel ombouwen en we volgen Marijke en Bram in de Monzino. Via 6 lengtes simultaan klimmen (een rotsvariant links voor de geul) komen we aan de col Bich, waar we hen terugvinden in de eerste moeilijke lengte van de Monzino. Nog steeds geen zon, en er is zeker meer wind dan we hadden gehoopt. Met koude vingers en tenen klimmen we twee stevige lengtes (5.10).

An in het geweldige decor tussen Torre Norte & Central ©Sanne

Eindelijk een streepje zon in deze koude wand ©Sanne

De rest van de route is veel simultaan klimmen, met af en toe een lengte vijfde graads. Langzaamaan komen we in de zon en vlak onder de laatste lengte vinden we zelfs een plekje in de zon en uit de wind. Heerlijk! Bram klimt de laatste moeilijke en ijskoude lengte voor en om 12u staan we met z’n allen op de top. Prachtig uitzicht, maar te koud om er lang te blijven. Lunchen doen we op het plekje in de zon, waarna ons de lange afdaling wacht.

Met z'n vieren vlak onder de top, in het zonnetje

An & Marijke op de top van Torre Norte

Bram op de top met de indrukwekkende achtergrond ©Sanne

Rappelen in Patagonia is altijd een ellende, door de wind geraakt haast elke rappel een keer geblokkeerd. We klimmen zo veel mogelijk af en moeten maar 2 keer weer omhoog om een vastgeklemd touw weer los te maken. Op de col Bich komen we nog een cordée tegen, die nu pas tot hier geklommen zijn. Het is 15u. Ze vragen of het nog ver is naar de top, waarop ik helaas bevestigend moet antwoorden. De afdaling door de geul tussen Torre Norte en Central is erg vervelend en duurt erg lang. Maar uiteindelijk komen we weer veilig aan in het kamp van de Spanjaarden. Nu nog de lange puinhelling naar beneden. Uiteindelijk doen we langer over de afdaling dan over de beklimming en om 19u zijn we aan ons bivak. Het weer is alweer verslechterd en we pakken de boel bijeen en gaan nog omlaag naar ons beschutte bivak onder de boulder, waar we moe maar voldaan in onze slaapzakken kruipen.

De indrukwekkende wanden van Fortaleza en Escudo ©Sanne

De volgende dag staan we pas op als de zon ons verwelkomt en maken een uitgebreid ontbijt met spek. Pas in de namiddag dalen we verder af naar het campamento Japones, waar we een gezellige avond beleven in het gezelschap van de Spanjaarden, waaronder de cordée die we gisteren tegenkwamen op de col. Zij waren vanuit Japones vertrokken, er van uit gaande dat de instijg, zoals je de beschrijving er van vindt, wel zou meevallen. Daardoor waren ze zo laat op de col.
Na nog een nachtje in de voddige doch gezellige hut van Japones (we hebben geen tent meer), dalen we in één keer af tot aan hosteria Torres, waar we dezelfde dag nog de bus terug naar Natales nemen. Marijke en Bram blijven nog twee dagen in het park, An en ik gaan nog wat sportklimmen in de buurt van Natales. In het weekend treffen we de hele bende weer in de lokale pub. Pedro is ook teruggekeerd van zijn solo-overschrijding van de drie Torres, maar bij de eerstvolgende periode goed weer begint hij weer van voor af aan. Straf!

Nu maandag nemen we met z’n vieren de ferry (het is bijna een cruise) naar het noorden door de prachtige fjorden. An en ik vliegen daarna weer naar huis, terwijl Marijke en Bram nog een maandje hebben om te gaan klimmen in Cochamo (jaloers!). Daarover zullen we nog wel wat te lezen krijgen.

Sanne en An

The Flamencos fly home ©Sanne

Met de vlam in de pijp over de Brenner (Patagonia part 2)

17 zaterdag dec 2011

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 3 reacties

Tags

An Laenen, Guillaumet, patagonia, Sanne Bosteels

Cerro Torre, Torre Egger en Cerro Standhardt, ©Sanne

In Patagonia kan je hevige windvlagen en ijzige koude verwachten, veel slecht weer en hard afzien. Van dat laatste hebben we ons deel gehad, maar verder was het de afgelopen week windstil en veeel te warm. Perfect helder weer en zeldzaam zicht op de prachtige spires en granieten wanden, op het uitgestrekte Hielo Continental, het is hier echt wel waauw!

Door de eindeloze pampa’s, met af en toe zicht op de Andes ©Sanne

Na de lange busreis van Bariloche naar El Chaltén, kwamen we geradbraakt aan in deze artificiële stad in the middle of nowhere. El Chaltén is hier enkel ontstaan voor het toerisme, voor trekkers en klimmers. We hadden op voorhand geboekt in een hostel, want slaapplaats is hier schaars. Het hostel waar we geboekt hadden viel zo zwaar tegen, dat we dezelfde avond nog op zoek gingen naar een beter onderkomen. Met veel geluk vonden we een perfect gelegen appartement, dat we onmiddellijk voor drie weken huurden. Prijs van een druk hostel met een gore keuken: 70pesos pp per nacht, prijs van ons appartement: 50pesos pp per nacht ;-)

Cerro Torre, St Exupery, Poincenot en Fitzroy op een zeldzame heldere dag vanuit El Chaltén ©Sanne

De eerste dagen was het slecht weer boven en zagen we geen bergen. Maar het weerbericht was goed en inderdaad, de afgelopen vier dagen was het perfect mooi weer. Het plan was dan ook om van dat venster gebruik te maken en in de eerste week hier al wat moois te beklimmen.  Jammer dat we dankzij een stevige voedselvergiftiging dat plan voor een paar dagen moesten opbergen. Ondertussen was het kijken naar de mooie bergen aan de horizon.

Onderweg naar de Passo Superior, een kleine instijg van 9uur en 1600Hm ©Sanne

Mooie Spires als compensatie voor de zware instijg ©Sanne

Ik denk niet dat An al genezen was, maar ondanks de koorts, zijn we op dinsdag, twee dagen later dan gepland, toch ingestegen naar de Passo Superior, een bivakplaats onderaan de Cerro Fitzroy op 2000m hoogte (El Chaltén ligt op 400m). We deden 9 uur over deze mooie, maar eindeloos lange instijg, met zware rugzakken, vol met materiaal voor elke mogelijke beklimming en eten voor drie dagen. Vooral de papsneeuw op de gletsjer maakt het bijzonder zwaar, we zakken er kniediep in weg. Tot zover de extreme koude in Patagonia.

An hoog boven het Laguna de los Tres, het is nog ver naar de Passo Superior ©Sanne

An op ons bivak op de Passo Superior, de glimlach verbergt de vermoeidheid ©Sanne

Totaal uitgeput komen we aan op de bivakplaats, waar het stikt van de gesponsorde topklimmers, die voornamelijk Alpenduits spreken. De goede plekjes zijn bezet, maar we vinden nog plaats in een sneeuwhol dat ik met nog wat graafwerk kon vinden. Na een gevriesdroogd avondmaal kruipen we in de slaapzak. Als in het holst van de nacht de wekker afgaat, is het voor ons beiden duidelijk dat er vandaag niet geklommen wordt. We nemen het er de volgende dag van en rusten noodzakelijkerwijs goed uit. De darmen van An zijn nog altijd niet in orde, op drie dagen tijd heeft ze welgeteld één maaltijd van 500Kcal kunnen binnenhouden. Die instijg was zeker goed voor een verbruik van 7000Kcal…

De Aiguilla Guillaumet 2579m, met rechts de Brennergraat, vanuit ons bivak ©Sanne

Na wat wikken en wegen, de sneeuwcondities zijn door de hitte erg slecht, besluiten we om de volgende dag de Aiguilla Guillaumet te beklimmen langs de noordgraat, de zogenaamde Brenner-Moschioni. We hebben hiervan geen topo, maar die route werd vandaag door een andere cordée (één van die Alpenduitstaligen) geklommen en is dus doenbaar. Normaal wordt die vanuit een ander bivak geklommen, maar de toegang vanuit de Passo Superior is zeker een aanrader.

Zonsopkomst, onderweg op de gletsjer naar de Aig. Guillaumet ©Sanne

We zijn vroeg weg om van de bevroren sneeuwcondities op de gletsjer te profiteren en zijn na anderhalf uur onderaan de steile noordgraat. Via een stukje mixte klimmen snijden we 100m brokkelgraat af en staan onmiddellijk onderaan de moeilijkheden. Vier lengtes 6b in perfecte, maar soms verijsde graniet. En natuurlijk met de rugzak met dikke schoenen en stijgijzers ;-)

De eerste moeilijke keuze, welke van die vier barsten gaat het worden? ©Sanne

Omdat we geen topo hebben is het routeverloop niet zo eenvoudig, zeker als je niet zeker weet welke barst je moet volgen. Op instinct dan maar en dat blijkt goed te werken. Een Argentijnse gids met klant achter ons klimt nota bene volledig verkeerd en haalt die dag de top niet.
De laatste moeilijke lengte is bijzonder mooi en daarna wacht er een paar honderd meter simultaan klimmen over niet te onderschatten bouldermoves.

Mijn maatje op de relais ©Sanne

Af en toe afklimmen in een kleine breche. Hier vinden we onze rappelroute ©Sanne

Onderweg vinden we een geschikte afdaalroute, maar eerst moeten we nog wat gendarmes over, met nog wat pittig klimwerk. Een laatste ijsveld, waar we weer de schoenen en stijgijzers voor aanbinden, leidt ons naar de top, waar we een prachtig zicht hebben op de Cerro Torre en het Hielo Continental.

An op de top van Aig. Guillaumet 2579m ©Sanne

What a view!

Hier komt de typische Patagonische wind ons tegemoet en tijdens het rappelen ondervinden we serieuze problemen. Door de wind besluiten we om maar met één touw af te dalen om zo de afstand te beperken. Desondanks moet ik twee keer weer omhoog klimmen om een vastgeklemd touw terug te halen. Hier gaat mijn eerste reserveprusik er aan voor de moeite. Met veel moeite geraken we aan de breche waar we aan de windvrije zijde relatief gemakkelijk in 5 rappels door een ijsgeul en over de enorme bergschrund weer op de gletsjer geraken.

An in de door wind geteisterde rappels. ©Sanne

Twee uur heupdiep baggeren door papsneeuw brengen ons moe maar voldaan terug in ons bivak. We besluiten om hier nog een nacht te slapen en dalen de volgende ochtend af over de maar halfbevroren gletsjer. We laten een deel van ons materiaal achter op de Passo Superior, in de hoop hier in de komende weken nog een mooie beklimming te kunnen doen. Maar eerst drinken, eten en slapen en dan zien we wel verder. Tot slot nog wat wildlife:

El Condor pasa ©Sanne

Woody Woodpecker ©Sanne

El condor del Frey (Patagonia part 1)

08 donderdag dec 2011

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 2 reacties

Tags

An Laenen, Frey, patagonia, Sanne Bosteels

Sanne onderaan de Campanile Esloveno, Frey ©Ido

Al ruim een week zijn we in het zonnige Zuid-Amerika, waar het weldra zomer wordt. In Santiago, de hoofdstad van Chili bleven we twee dagen om de stad te bezoeken en wat laatste regelingen te treffen. Eén van die regelingen is dat we later terug naar huis keren en dus langer op reis kunnen zijn ;-) En we bezochten er het bekende wijnhuis “Concha y Toro”, waar we licht aangeschoten weer buiten kwamen. Maar daarna reden we met de hier erg comfortabele nachtbus, al een heel stuk naar het zuiden. Via Osorno naar Bariloche, in Argentinië.

De beroemde wijnkelder "Casillero del Diablo" ©Sanne

An aan het Laguna Nahuel Huapi, veel vulkaanstof aan de horizon ©Sanne

Tussen Osorno en Bariloche rijden we over de Andes en de grens tussen Chili en Argentinië. Van ver leken de bergen mooi besneeuwd, maar in werkelijkheid waren ze bedekt door decimeters vulkaanstof. De nabijgelegen vulkaan “Puyehue” is al weken aan het rommelen en verstoord hier het luchtvaartverkeer. Als gevolg hiervan is het bijzonder rustig in het anders zo toeristische Bariloche. We installeren ons in de erg gezellige hostel “La Bolsa”.

Onverwacht treffen op de Cerro LlaoLlao

In afwachting van beter weer nemen we de volgende dag de bus naar het nabijgelegen nationaal park LlaoLlao en beklimmen er de Cerro LlaoLlao, waar we een prachtig zicht hebben op de omliggende bergen en fjorden. Een wandeling van ruim 4 uur in the middle of nowhere. En wie komen we vlak onder de top tegen? Bram en Marijke! De rest van de wandeling doen we samen, door het mooie regenwoud. We spreken af om de komende dagen te gaan klimmen in Frey. An en ik ontmoeten in het hostel een sympathieke Israëlische klimmer, Ido en nodigen hem uit om met ons mee te klimmen. Marijke en Bram komen een dag later omhoog, met een vriendin van Marijke, Jolien.

Refugio Frey, een mecca voor liefhebbers van graniet ©Sanne

Het complexe massier van Frey, waar de juiste granieten toren een hele opgave is

Frey is een combinatie van Corsica, Valle dell’Orco en Val di Mello. Steile granieten torens in een alpiene omgeving, met een complexe approche. Prachtig multipitch tradclimbing, avontuur verzekerd. Voor elk wat wils. Een sympathieke berghut op 1700m, waar alles kan, van gratis kamperen en zelf koken tot volpension. En een prachtig meer om na een warme klimdag in te gaan zwemmen. Wij opteren voor het kamperen in ons eigen tentje en nemen enkel ontbijt mee voor vier dagen. Avondmaal nemen we in de hut, lekkere pizza en een goede fles Argentijnse rode wijn.

Ons plekje in Frey ©Sanne

An op de relais boven de laguna Toncek ©Ido

De instijg naar de hut is goed voor een dikke drie uur, door een steeds veranderend landschap. Nadat we ons tentje opgesteld hebben, gaan we ineens voor een eerste beklimming op de nabijgelegen Pilares della Tierra de mooie route “Anticlica”. Drie lengtes erg gevarieerd klimmen op het beste graniet. Ido klimt met ons mee en neemt mooie foto’s.

Sanne in L2 van "Anticlicia", luchtige 6a ©Ido

Op de top van Pilares della Terra ©Ido

In dit gebied liggen honderden prachtige routes, dus hoe een keuze maken uit al dat moois? We besluiten om enkele routes te klimmen die Michel Piola hier in 1990 opende. De tweede dag in Frey doen we een instijg van 2 uur om aan de Campanile Esloveno te geraken, een prachtige vrijstaande toren op 2500m met een 360° uitzicht over de Andes. Een loodzware, Corsicaanse instijg, maar elke meter klimmen op de route “Imaginate” was de moeite waard!

Sanne op de Campanile, met de Monte Tronador op de achtergrond. ©Ido

An & Sanne in de door de wind uitgesleten grot halverwege de rappels. ©Ido

Pas laat in de namiddag (2uur instijg, 5 uur klimmen en 2uur afdaling) komen we terug aan het meer en genieten van een frisse duik. Marijke, Bram en Jolien zijn ondertussen ook aangekomen en we genieten samen van het avondmaal en maken plannen voor de volgende dag. An en ik besluiten om nog een viersterren route van Piola te klimmen, op de Cohete Lunar. Opnieuw een lange instijg van anderhalf uur, gevolgd door 250m hard en steil klimmen. De route “Objectivo Luna” is prachtig, de laatste lengte loopt over een blok zo groot als een huis, die volledig los op zijn sokkel ligt!

Sanne in L1 van Objectivo Luna ©An

In de derde lengte komt een koppel Condors onze klimactiviteiten bekijken. Erg indrukwekkend als zo’n vogel met een spanwijdte van ruim 4m even boven je hoofd komt cirkelen. Waaaauw!

An & Sanne op de top van Cohete Lunar ©Marijke

Gelukkig bleef de toren staan, ook tijdens het rappelen ;-) De afdaling was verder nogal gecompliceerd, maar we zijn nog op tijd voor een duik in het meer. Bram en Ido beklommen  de Cerro Principal, met een erg gecompliceerde afdaling en waren pas om 23u terug in de hut. Naar Argentijnse normen ruim op tijd voor het avondmaal.
Vandaag was het erg warm en An en ik zijn rustig terug afgedaald naar Bariloche, waar Ido nu een lekkere maaltijd voor ons aan het koken is. Morgen met de bus naar El Chaltén, langs de Ruta 40.

Vulkaanstof tussen de torens van Frey ©Sanne

Onze nieuwe klimmaat Ido op de top van de Campanile Esloveno ©Sanne

Tot binnenkort,
An & Sanne
Meer info over Frey op PATACLIMB

Training for Patagonia

16 woensdag nov 2011

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 1 reactie

Tags

An Laenen, Dolomieten, expeditie, patagonia, Sanne Bosteels, Valle dell'Orco

An in de ijskoude oostwand van de Kleine Zinne (c) Sanne

Over minder dan 2 weken vertrekken An en ik naar Patagonia. En om het met de woorden van An te zeggen: “We gaan daar niet om de eendjes te voederen”. Sinds An in behandeling is bij “Move to cure” en vooral door haar eigen doorzettingsvermogen, stijgt haar kracht en conditie naar een erg strek niveau. We hebben twee maanden tijd en mikken op enkele mooie beklimmingen in het gebied rond El Chalten (Cerro Fitzroy) en de Torres del Paine. Geen vaste plannen, want in Patagonia weet je nooit wat voor weer en condities je voorgeschoteld krijgt. De afgelopen weken hebben we, onder het motto “Train hard, climb easy” alvast een stevige voorbereiding gehad op het echte werk.

Nicolas in "Fessura della disperazione", een monster offwidth. (c) Sanne

Een eerste vereiste om wat te kunnen klimmen in Patagonia, is het beheersen van een goede klimtechniek in graniet en in barsten in het bijzonder. Dat ik samen met An de rotsklimstage “graniet” voor MC4 mocht begeleiden kwam dan ook goed uit. Een week lang hadden we perfecte condities in Valle dell’Orco in Noord-Italië, prachtig herfstweer en geen andere klimmer te zien in dit “Rock Paradise” aan de zuidkant van de Gran Paradiso. Orco staat bekend om zijn harde barsten, die je volledig zelf moet afzekeren met friends. De vijf jongens van MC4, maar ook Stijn (MC1), Maxime & Nelson (MC3) en Helmuth waren van de partij, kortom het was een gezellige boel en een klein MC-klimtreffen tegelijk. Na een dag rotsgewenning op het prachtige massief “Droide”, klommen we de rest van de week de meeste van de grote klassiekers in de vallei. Verder een flinke boterham theorie, de hele cursus weerkunde werd er door gedraaid en in het minder goede weer op de laatste dag werden de finesses van het moderne artifklimmen ook getraind. Een greep uit de geklommen routes:

  • Fessura della disperazione (6b+ runout/offwidth)
  • Diedro del Mistero (6b)
  • Camino Bernardi (6a+)
  • Nautilus (6a)
  • Locatelli (6a)
  • Incastromania (6a)
  • Itaca nel Sole – Rattle Snake (6c)
  • Orrechio del Pachiderma – Via dei tempi moderni (6c)
  • Diedro Nanchez (6b)

Sanne in "Nicchia del torture", 6b offwidth & runout. (c) An

An bezig met het betere klemwerk (c) Sanne

Sanne in "Camino Bernardi", zelfs maatje zes past hier niet in (c) Nicolas

Na ons vertrek uit Orco heeft het 5 dagen onafgebroken gesneeuwd in de Alpen, maar dankzij de officiële verlofdagen in november, kunnen An en ik er nog een kleine week op uit trekken. De grote vraag was waar naartoe. In het hooggebergte had het erg veel gesneeuwd, maar nog te weinig om er met toerski’s op uit te trekken. Bovendien zijn alle hutten en liften in dit seizoen gesloten. En onze training moet in de lijn liggen van onze plannen in Patagonia. De Torres del Paine is een massief van drie torens, vandaar de keuze voor de Tre Cime di Lavaredo in de Dolomieten. Weliswaar in kalksteen, maar vergelijkbaar; een goed idee?

Piccolo Cima, Punta Frida en Torre Preuss (c) Sanne

Eerst rijden we naar Berchtesgaden, waar we mijn goede vriend en berggids Hansi Stöckl bezoeken. Met hem was ik de eerste keer in Yosemite in 2005 en we zijn altijd goede vrienden gebleven. Hij was vorig jaar ook in Patagonia en kon ons nog een hoop goede tips geven. Daarna verder naar de Dolomieten, waar we in de namiddag nog snel een korte route van 100m beklimmen op de Monte Popena. Het is al erg koud klimmen in de schaduw, brrr.

An in de koude vierde touwlengte op Monte Popena (VI+)

De weg naar de Auronzo-hut was afgesloten, maar we schuiven de dranghekken opzij en kunnen met de 4×4 over de besneeuwde weg tot voor de deur van het winterlokaal van de hut rijden. Daar installeren we ons en blijven er de komende drie dagen voor enkele alpiene rotsbeklimmingen in erg winterse omstandigheden. We zoeken zoveel mogelijk de zon op, want op bijna 3000m in de schaduw is het ijskoud. Voor vrijdag was goed weer voorspeld, maar het is de hele dag mistig en koud, het sneeuwt zelfs. Na het verkennen van de instijg van de geplande route, rijden we naar Cortina d’Ampezzo voor wat inkopen en keren ‘s avonds terug naar ons koude bivak.

Vroege winter in de Dolomieten (c) Sanne

De nieuwe Yeti bewijst al meteen zijn diensten

Dolomieten of Patagonia? (c) Sanne

Gelukkig is het zaterdag prachtig weer. Het doel van de dag is de bekende “Gelbe Kante” op de Kleine Zinne, een prachtige lijn over een overhangende pijler van 400m. In de topo staat zuidwand, dus dat moet goedkomen. We klimmen in het zonnetje de eerste 4 lengtes, maar dan draait de zon achter de kam en komen we in de nog besneeuwde schaduwkant terecht. 6a klimmen op verroeste haken is één ding, maar als er dan nog ijs op de grepen ligt en je die pitons niet meer vindt omdat ze ondergesneeuwd zijn, liggen de zaken al anders. Ik slaag er in om nog drie lengtes te klimmen, met een hoop mentaal belastende moves, maar dan nemen we het wijselijke besluit om te rappellen.

De prachtige "Gelbe Kante", helaas verliep de route te veel naar rechts, in de schaduw

De verijsde oostkant van de "Gelbe Kante", waaruit we moesten terugkeren.

Terug aan de hut genieten we van de namiddagzon en besluiten om de volgende dag de “Cassin” (VII) op de Torre Preuss te proberen. Deze harde en steile route kent een verloop dat de richting van de zon mee volgt en omdat ze zo steil is, kan er geen sneeuw in liggen. Sterk plan. De volgende ochtend staan we extra vroeg op om zo veel mogelijk te kunnen profiteren van de zon in de oostelijke start van de route. In september beklom ik de “Cassin” in de noordwand van de Piz Badile en ook deze keer weer ben ik onder de indruk van de moeilijkheid van deze route, Cassin opende deze routes in 1934!

An in de waanzinnig steile "Cassin" (VII) op de Torre Preuss (c) Sanne

An op de top van Torre Preuss, na de "Cassin" (VII) (c) Sanne

De top is aardig besneeuwd en de afdaling wordt absoluut geen lachertje. De rappels verlopen door de kompleet verijsde geul tussen de twee torens en we rappellen met onze klimschoentjes over ijspegels en door het besneeuwde couloir. Spannend allemaal, maar wat een toproute! Na drie dagen in de koude, rijden we terug naar Berchtesgaden om onze terugreis wat te breken en klimmen daar nog een prachtige route in de herfstzon.

In de afdaling van de Torre Preuss, koude rappels (c) Sanne

De "Schwarzer Sheriif" (VII) op de Berchtesgadener Hochtron (c) Sanne

Als voorbereiding kan het allemaal tellen, nu hopen op goede condities in Patagonia. Je kan ons volgen op deze site of via mijn facebook, waar al sneller wat foto’s op komen te staan. We zullen er ook Bram en Marijke treffen en waarschijnlijk een deel samen klimmen. Op naar Patagonia dus van 28 november tot 28 januari.

Sanne & An

De verloren zomer van 2011

18 zondag sep 2011

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 2 reacties

Biancograt in de ochtendnevel (c) Sanne

Na een goede start begin juli met een paar mooie beklimmingen in Chamonix en de Dolomieten, viel er op gebied van klimmen de rest van de zomer niet veel te beleven. An was nog volop aan het revalideren en de enige week verlof die we samen doorgebracht hebben, was op het water in Friesland. Al moet gezegd worden dat die week erg fijn was en zeker voor herhaling vatbaar. Eén van onze ideetjes is nu om een zeil-klimvakantie te ondernemen in de Middellandse zee. Maar in augustus kon er verder enkel wat gefietst worden, tussen de regenbuien door. Alleen Tim beleeft aan de andere kant van de oceaan een geweldige zomer op topniveau.

De dramatisch afbrokkelende gletsjermond van Morteratsch

Gelukkig is er het werk nog. De afgelopen weken organiseerde ik de jaarlijkse bijscholing voor de militaire voorklimmers. Voor het tweede jaar op rij was dat in het gebied van Bergell-Bernina in Zuidoost-Zwitserland. En dit keer was het prachtig weer en waren de condities ideaal. Na een paar dagen herziening van de technieken op ijs en gletsjer, equiperen van moeilijke passages in het hooggebergte voor overschrijdende troepen en wat klimmen in de zon aan de Italiaanse kant, waren we klaar voor wat serieuzer werk.

Tom en Kristof tussen storm en aankomend mooi weer op de Biancograt. (c) Sanne

Ik organiseer een driedaagse in het hooggebergte, waarbij iedereen uiteindelijk uitkomt in de rifugio Marco é Rosa, aan de Italiaanse kant van de Piz Bernina (4049m). Zelf start ik met een ploeg van 8 man in de Chamanna Tschierva. Alhoewel ik deze mooie beklimming een paar jaar eerder al gedaan had met MC1, heb ik een paar collega’s beloofd om de bekende klassieker, de Biancograt op de Piz Bernina nog eens samen te beklimmen. De condities zijn voor september bijzonder goed en we verlaten de hut zelfs vrij laat, na ons gevriesdroogde ontbijt naar binnen gewurmd te hebben. Ik wou niet in het donker zoeken naar de start van de via ferrata die naar de Fuorcla Prievlusa leidt.

De pittige graat tussen Piz Bianco en Piz Bernina. Hivernale na verse sneeuwval.

De Biancograt is ondanks de hevige wind alweer een juweeltje, maar het venijn zit hem in de staart. De messcherpe graat tussen de Piz Bianco en de Piz bernina is helemaal bedekt met rijp. Passages die normaal over droge rots al pittig zijn, krijgen nu een extra dimensie. Het klimmen is uitdagend, maar na wat delicaat klimwerk en het toepassen van experimentele touwtechnieken, zoals het trosje 3Para, komen Peter Decoo, Marc Vanlommel, Kristof Desmet, Tom Bammens en ik aan op de top van de meest oostelijke vierduizender.

Peter en Marc op de verijsde torens (c) Sanne

Marc in de finale passage (c) Sanne

In de rifugio Marco é Rosa, waar de huttenwirt nog steeds even onvriendelijk is, vinden we de rest van onze groep terug en de volgende dag steken we met de hele bende over langs de Bellavista en de Piz Palü (bekend van “Inglorious Bastards”) naar het station van Diavolezza. Een prachtige windstille dag.
Zondag rustdag, ik klim met Marc twee mooie multipitjes op de Spazzacaldeira in het Albigna-gebied. Tiramisu (200m, 6c+) en Una nuova via per Claudia (200m, 6b). Eerder op de week hadden we ook al het supermooie Buttamigu (200m, 6b+) en het luchtig afgezekerde via Leni (200m, 5c+) geklommen. Allemaal aanraders.

Marc op R3 van "Claudia", de Albigna-geist kijkt toe (c) Sanne

Na deze rustdag op het uitstekende “Bergeller” graniet, opnieuw tijd voor een driedaagse. Een ploeg in de Albigna, een ploeg in de Sciora en zelf met een kleine ploeg naar de Sasc Füra. Al drie keer lag ik in bivak onderaan de Piz Badile om daar de bekende noorwand te beklimmen langs de “Cassin”. Twee keer moeten terugkeren door slecht weer of een te natte route en de derde keer beklom ik met MC2 de mooie noordgraat. Dit keer besluiten we gewoon te slapen in de prachtige Sasc Füra-hut en ‘s nachts wat vroeger op te staan om de twee uur lange instijg aan te vatten.

Tom in de eerste moeilijke passage van de "Cassin" (c) Sanne

Peter en Kim gaan voor de noordgraat en staan wat later op. Ik vertrek met Tom, opnieuw na een onverteerbaar gevriesdroogd ontbijt, om vijf uur. De instijg is zwaar over blokken terrein, maar met het eerste licht staan we onderaan de wand. Twee Franse gidsen doen erg hun best om voor ons te beginnen klimmen en ik laat ze maar begaan. De “Cassin” is een echte klassieker, 1000m granieten noordwand, met enkel de originele behaking uit 1937. De standplaatsen zijn een paar jaar geleden wel gesaneerd met spits. Maar de grote uitdaging in deze immense wand is het vinden van het juiste routeverloop.

Tom in de zee van graniet, racen om in de zon te geraken (c) Sanne

De eerste lengtes gaan vlot, we klimmen simultaan door de eerste 300m en worden enkel afgeremd door de twee Fransen voor ons. Aan de eerste moeilijke passage, een natte 5c+ hoekversnijding op rotte pitons, moeten we een half uur wachten tot ze er zich door geworsteld hebben. Maar het klimmen wordt hierna wondermooi. Enkele vijfdegraads lengtes leiden in een almaar naar links trekkende lijn tot onderaan de laatste 400m, die van een wonderschone esthetiek zijn. Aanhoudend 5c/6a door uitstekende graniet, waarbij je enkel maar een grenzeloos respect kan hebben voor de jonge Ricardo Cassin, die hier in 1937 met het materiaal van die tijd zijn weg door gezocht heeft. Eén van de lastigste lengtes is een brede schoorsteeen, die niet af te zekeren is.

Op de grens van zon en schaduw in de beruchte schoorsteen van de "Cassin"

Eindeloos mooi klimmen in het bovenste deel van de wand (c)Sanne

Na zes uur klimmen, komen we samen met Peter en Kim op de top van de Piz Badile. Rest ons nog de moeizame afdaling naar de rifugio Gianetti aan de Italiaanse kant van de Badile. Deze gezellige hut ademt geschiedenis. Vorig jaar lag ik met MC3 een kilometer verder in bivak, aan het begin van een prachtige week klimmen aan deze kant van de Bergell. Het terrein is hier erg ruw en de volgende dag doen we er nog vijf uur over om via twee passen terug te keren naar de Sasc Füra en onze camionette in Bondo. De knieën zijn er helemaal aan voor de moeite, maar na zo’n prachtige beklimming is dat een verwaarloosbaar detail.

Tom Bammens op de top van de Piz Badile. Twee klassiekers op een week.

Martin’s peak

31 maandag jan 2011

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 4 reacties

Tags

Antarctica, first ascent, first ski-descent, Sanne Bosteels, Ski-alpinisme, Wideroefjellet

op de hoogste top van de Sor Rondane, Antarctica ©Sanne

Vandaag, 31 januari, wordt mijn grootvader 90. Het is ook mijn laatste dag op Antarctica voor dit seizoen en om het plaatje compleet te maken, was het voor de verandering eens prachtig weer. Twee wetenschappers van het meteorieten-team, hadden nog graag wat werk gedaan rond de Ketelersbreen, de perfecte gelegenheid om er nog een laatste keer op uit te kunnen trekken. Vanochtend zette ik hen af op de plaats waar ze wilden werken, maar eerst kon ik, met de hulp van Steven Goderis, mijn skidoo klaarzetten op de plaats waar ik met mijn ski’s zou aankomen na de lange afdaling. Daarna aan de slag, een dikke 1500Hm stijgen naar de hoogste top in de keten van WiderØfjellet, die uiteindelijk 3050m hoog blijkt te zijn.
De afgelopen vier dagen heeft het wat gesneeuwd, waardoor het blauwe ijs wat bedekt is. Tot voor kort was deze beklimming onmogelijk met ski’s, maar door deze uitzonderlijke omstandigheden is het een buitenkansje.

Sporen door de uitzonderlijk goede sneeuw voor Antarctica

Eerder dit seizoen, eind november ergens was ik ook al onderweg naar deze top, met AH. Lees het verslag hier opnieuw. Toen moesten we de beklimming afbreken door de extreem koude wind en bevriezingen. Vandaag vroeg ik me dus af of er al iemand op deze top geweest was. In het boek “Mountaineering in Antarctica” van Damien Gildea uit 2010 staat op pagina 104 letterlijk: “it seems that the highest point of the Sor Rondane mountains, a 2999m peak in the WiderØfjellet, remains unclimbed”

De laatste paar honderd meter moeten de ski's op de rug

Na meer dan 1000m gestegen te hebben over een besneeuwde gletsjer aan de noordzijde, beklim ik de oostgraat. De sneeuw wordt te ijzig om met ski’s verder te gaan en ik doe de stijgijzers aan. Uiteindelijk over wat klauter-passages naar de top. Hier vind ik een kleine steenman (cairn), waardoor ik weet dat AH hier al eerder geweest moet zijn. Ik had de top anders graag Martin’s peak genoemd en wie weet, doe ik dat alsnog. Na wat foto’s, onder andere van het 100km verderop gelegen Nansen Iset, meet ik met de GPS de echte hoogte: 3050m. Maar het is ongelooflijk windstil en zelfs de reep chocolade die ik meeheb, is gesmolten… omgekeerde wereld! Ik daal terug af naar de plaats waar ik kan beginnen skiën en geniet van de erg lange afdaling.

Heerlijk, meer dan 1500m afdalen, met maar enkele steile passages

Eén ding is zeker, ik ben wel bezig met de allereerste ski-afdaling van deze hoogste top! En de sneeuw is goed, alleen op het einde moet ik wat blauw ijs omzeilen, wat niet zo makkelijk blijkt. Op een gegeven moment bevind ik me op een strook sneeuw van 2m breed, tussen blauw ijs in een helling van 40° steil. Spannend!

Het laatste spannende stuk skiën. Morgen Kaapstad ;-)

Zonder verdere problemen kom ik aan bij mijn skidoo. Even later haal ik de wetenschappers op en we rijden de 30km terug naar het station. Ondertussen is het vliegtuig al aangekomen, de piloten blijven op de basis overnachten. Inpakken en morgen in twee vluchten naar Kaapstad, waar het contrast met hier niet groter kan zijn. +30°C, mojitos en terug wennen aan zaken als geld, tijd, GSM’s en files…
Gelukkige verjaardag, Martin!

When hell freezes over twice

27 donderdag jan 2011

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 2 reacties

Tags

Antarctica, Meteorites, Nansen Ice Field, Sanne Bosteels

beeld je de windkracht in, nodig om dit soort ice-strugis te maken

In het vorige bericht heb ik geprobeerd om de moeilijke werkomstandigheden hier een beetje te beschrijven. Op foto’s zijn zaken zoals wind en koude niet waarneembaar, maar ik kan jullie verzekeren dat die twee hier erg tastbaar zijn. Het Nansen Ice Field (of Nansen Iset in het Noors) bestaat uit 4 grote ijsvelden. Deze expeditie is meer een verkenning om de mogelijkheden van mens, materiaal en vooral, de aanwezigheid van meteorieten uit te testen. In het beste geval kunnen we één van die vier zones volledig afwerken met een grondige meteorite-search. Dat werd mijn uitdaging, met de beperkte mogelijkheden om zelfs maar gewoon buiten te komen, een volledig ijsveld van 50km2 leeg te vissen.

Nansen Iset, 100km ten zuiden van het Sor Rondane gebergte

We concentreren ons op het noordwestelijke ijsveld en slaan aan de noordzijde ons kamp op. Pas op 2 januari zijn we een eerste keer in staat om uit te rijden. Een goede testcase, om de grenzen van het zoekbereik af te bakenen en we vinden die eerste dag alvast 11 meteorieten. Op het vlak van kledij worden er onmiddellijk harde lessen geleerd, bijna iedereen heeft al na twee uur ernstige bevriezingen in het gezicht. Het handboek van de meteorieten-zoeker zegt dat er pas bij minder wind dan 10m/s (36km/u) gezocht kan worden. Jammer genoeg hebben we die luxe hier nooit en we leggen voor onszelf andere regels vast. Zolang we de ijsheuvels iets ten zuiden van ons kunnen zien liggen, kunnen we er voor gaan. Dat is vaak bij wind van 20m/s (70km/u), ofwel het dubbele van de voorgeschreven veiligheidsrichtlijnen.

waar we het allemaal voor doen

Telkens wanneer we de kans hebben om eens stuk van het ijsveld te doorzoeken, tasten we de grenzen van het ijsveld af. Oriënteren gebeurt enkel op basis van een vage satellietfoto, de gps die een positiebepaling geeft en veel gevoel voor terrein. Maar hoe meer terrein we ontdekken, hoe beter het plaatje zich begint te vormen. Op basis van gevoel maak ik elke avond een zoekpatroon aan in mijn gps voor de volgende dag. Al gauw ontdekken we dat de meteorieten zich vooral in bepaalde zones concentreren en dat andere zones volledig leeg zijn. Maar voor het wetenschappelijke aspect moeten we ook die zones doorzoeken en dat wordt al wel eens vervelend. Maar het eindresultaat is 218 meteorieten en een abstracte satelliet-simulatie van onze tracks en de gevonden meteorieten:

het noordwestelijke ijsveld volledig doorzocht

De aandachtige waarnemer herkent hier het kreeftvormige ijsveld van de hierboven getoonde satellietfoto. Het rode cirkeltje is ons kamp, de groene lijnen zijn onze afgelegde trajecten en de paarse bollekes zijn gevonden meteorieten. In extremis slagen we erin om de uiterste zones ook te doorzoeken. Wanneer we die laatste dag binnen rijden, steekt er een storm op die zal aanhouden tot aan ons vertrek terug naar de basis. Acht dagen onophoudelijke Antarctische storm, het wordt een ware beproeving.

de meteorieten vinden we vooral in de moeilijk toegankelijke zones

Omdat onze Prinoth het definitief begeven heeft in de vorige sneeuwstorm, kunnen we niet zelfstandig naar de basis terugkeren. Een team met onze onvolprezen mechanieker Kristof moet ons komen depanneren, maar dat lukt pas vier dagen na de aanvankelijk geplande datum. Acht dagen blizzard, waarbij we terugvallen op slechts één generator. Maar het wordt pas echt dramatisch als na het bier, ook de whisky opgeraakt ;-) Op 24 januari komt het depannage-team aan en samen met Kristof ga ik aan de slag om ons hier weg te krijgen. De volgende dag rijden we in zwaar weer noordwaarts en na 10 uur rijden komen we terug in het comfortabele  Prinses Elisabeth station.

Het Sor Rondane gebergte en grote sastrugis

Eenvoudige zaken zoals een toilet uit de wind, een warme douche en gewoon in een verwarmde en droge ruimte kunnen zijn, herinneren me er aan dat het station voor veel mensen een vals beeld geeft van het echte Antarctica. Het echte Antarctica is een gevoelloze ijsvlakte, zonder bijzonderheden, door de wind gevormd en waar geen levend wezen te vinden is. En fucking koud. Volgende zondag vlieg ik hier weg, dan zit mijn seizoen van drie maanden er weer op. Via een kort verblijf in Kaapstad, waar de temperatuur 60° zal verschillen met hier, keer ik dan terug naar België op 4 februari. Om dan snel daarna met An naar de Alpen te trekken en te profiteren van onze winter. Het zou jammer zijn om geen gebruik te maken van sneeuw- en ijs om ons eens goed uit te kunnen leven ;-)

Allez nog eentje voor de pinguin-liefhebbers

Sanne

When hell freezes over

26 woensdag jan 2011

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 4 reacties

Tags

Antarctica, Meteorites, Nansen Ice Field, Sanne Bosteels

extraterrestrial loneliness ©Steven Goderis

Ik zag eens een cartoon, waarin een klimmer in de hel voor klimmers terechtkwam. Een eindeloze, glanzende vlakte, een absoluut gebrek aan verticaliteit. Maar in de cartoon was het warm. Ik bracht net een maand door in zo’n plaats, alleen bedroeg de gemiddelde dagtemperatuur er tussen de -30° en -40°C. In de naam van de wetenschap, bracht ik een maand door op het Nansen Ice Field. Op 3000m hoogte ergens tussen het Sor Rondane gebergte en de zuidpool op Antarctica. Onze ergste vijand is de nooit aflatende stormwind. Soms is de wind zo sterk, dat ademen onmogelijk wordt…

a nice day out in the field

Eind december vertrokken we met een klein konvooi zuidwaarts, over de Gunnestadbreen tussen de bergen door naar het ijsplateau. Nog nooit werd deze route met sneeuwtractoren gereden. Alain Hubert en Dixie Dansercoeur kwamen hier in 1997 door het gebergte, op weg naar de zuidpool. Het is prachtig weer, wanneer we van 1300m naar het ijsplateau klimmen op 3000m hoogte. We moeten enkele reusachtige spalten oversteken en soms verdwijnt één van onze grote sledes bijna in een spleet. Maar na 130km van een uitzonderlijke reis, komen we aan in de hel. Al vanaf het eerste uur hebben we te maken met een stormwind, white-out en een extreme koude.

Op weg door het Sor Rondane gebergte ©Sanne

De eerste avond gaat het al mis. Ergens in de drukte om een kamp op te stellen in een sneeuwstorm, rijdt er een Prinoth over mijn rugzak met al mijn waardevolle zaken. Mijn Iridium satelliettelefoon, GPS, thermos, Oakley-skibril en vooral rampzalig, mijn fototoestel, worden vakkundig vermorzeld door 10ton sneeuwtractor. Meer dan €2000 schade en enkele essentiële zaken om het hier een maand uit te houden naar de zak. Dat wordt een maand voor niks werken in de hel. Een voordeel van aankomen met extreem slecht weer, is dat je het kamp aangepast aan de omstandigheden kan opstellen. Met de Prinoth maken we een beschermende, 3m hoge windwall rondom onze slaap- en keukencontainers. Maar ondanks deze beschermende maatregelen, krijgt het materiaal het hard te verduren.

Onze "windwall" met de vlaggen die het avontuur niet lang overleefd hebben

Kort na nieuwjaar, keert het drop-off team terug naar de basis en blijf ik achter met mijn team van wetenschappers. Ik ben Field Guide voor 2 Belgen en 2 Japanners, verantwoordelijk voor het opsporen en verzamelen van meteorieten in het Nansen Ice Field. Meteorieten zijn stalen van de bouwstenen van ons zonnestelsel, zeldzaam en erg waardevol. In principe kan je ze overal vinden, maar op blauwe ijsvelden in Antarctica is de kans om er een paar te vinden erg groot. Alleen jammer dat het zo’n moeilijke opgave is voor mens en machine. Van de 27 dagen die we hier doorbrengen zijn we slechts 13 dagen in staat om buiten te komen. Vooral zichtbaarheid is een cruciaal gegeven, als je geen meter voor ogen ziet, kan je moeilijk op zoek gaan naar soms erg kleine “steentjes”, die ergens in een zone van 20 op 50 km ijsvlakte verspreid liggen.

Een stukje buitenaardse materie op Antarctica

Gewoon in leven blijven en het kamp draaiende houden wordt hier een hele opgave. We hebben twee generatoren als stroomvoorziening, waarmee we onze kleine keuken-module kunnen verwarmen en onze batterijen kunnen opladen. Al snel vallen deze generatoren uit door verstikking in ijs. Ook onze Prinoth is niet bestand tegen deze extreme omstandigheden. Naast Field Guide, ben ik vooral bezig met het demonteren en ijsvrij maken van machine-onderdelen. Zonder elektriciteit houden we het hier nooit een maand uit. Al snel ontdek ik dat de beste manier om die generatoren draaiende te houden, ze 24 uur op 24 uur aan de gang te houden. Dat betekent om de vier uur tanken, dag en nacht. Om de drie dagen moet ik één van de twee generatoren volledig uitbouwen en in onze keuken-container laten ontdooien. Altijd leuk, met die sterke benzinegeur door je eten…

Op zoek naar meteorieten in dit buitenaardse ijslandschap ©Debaille

We stellen vast dat de wind altijd wat minder wordt in de namiddag en vroege avond. We passen ons dagschema aan en wanneer we voldoende zichtbaarheid hebben, rijden we met z’n vijven uit op skidoos. Ik bepaal het zoekpatroon op basis van satellietfoto’s en GPS. Het moet allemaal wetenschappelijk en dus methodisch gebeuren. Met de woorden van onze Japanse professor, “this is a meteorite-search, not a meteorite-hunt”. In principe rijden we in een pijlformatie over en weer over het ijsveld, waarbij ik de punt van de pijl ben. Telkens iemand een meteoriet vindt, wordt die op een specifieke manier verzameld. Aanraken en ontdooien zijn uit den boze.

Sanne heeft een meteorietje gevonden ©Steven Goderis

Sommige dagen leggen we zo meer dan 60km af en vinden we amper 10 meteorieten, sommige dagen vinden we 30 meteorieten op 10km. Maar na 4 à 6 uur buiten in de wind, heeft praktisch iedereen frostbite in het aangezicht en moeten we terug naar het kamp om te ontdooien. Bijzonder leuk is het dan wanneer de generator het weer eens begeven heeft en de binnentemperatuur
-15°C bedraagt. Maar een kom warme soep kan soms wonderen verrichten.

In pijlformatie over de eindeloze ijsvlakte

Soms zitten we dagenlang geblokkeerd in het kamp, buiten komen is dan een spel op leven en dood. We brengen de tijd door met zo lekker mogelijk eten maken (ik slaag er in om een keer tiramisu te maken ;-) ), pokeren en vooral de deuren ijsvrij maken. En het ergst van al is naar de wc moeten… De vier wetenschappers hebben een slaapcontainer met vier bedden, ik slaap in de overlevingscontainer van de Prinoth. Dat is een metalen doos van 1 op 2m, mijn slaapzak is een klomp ijs die ik zo kan breken. De laag ijs aan de binnenkant van die cabine is enkele centimeters dik, enkel en alleen van mijn adem. Soms schijnt de zon en dan begint al dat ijs te ontdooien en wordt alles nat. Maar droog krijg ik het nooit.

de vreemdste ijssculpturen... en crevassen

we ontdekken dat er overal erg diepe crevassen zijn ©Sanne

De dagen in het veld zijn een opgave op gebied van oriëntatie en het gevecht tegen bevriezing. Daarbovenop komt nog eens dat er erg veel ijsspleten zijn. Gelukkig zijn die goed zichtbaar door het dunne laagje ijskristallen dat ze bedekken. Maar vaak rijden we door zones waar elke stap gevaarlijk kan zijn. Het grappigste is dat meteorieten vaak net op de sneeuwbruggen van die crevassen liggen. En wetenschappers hebben niet altijd oog voor gevaar, de eerste paar dagen gaat er al vaak iemand met het been door zo’n dunne sneeuwbrug.

somewhere out there

de wind haalt de gekste dingen uit in het landschap

Maar alles went en verdere ongelukken blijven uit. Het team geraakt op elkaar ingesteld, ondanks de grote culturele verschillen. Het eindresultaat is een aardig aantal meteorieten. Het tweede deel van dit verslag uit de hel volgt binnenkort.

Steven, Tsuyoshi, Vinciane, Hiroshi & Sanne

Best wishes

29 woensdag dec 2010

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 2 reacties

Tags

Antarctica, Sanne Bosteels

Op geologische ontdekkingsreis

Morgenochtend, 29 december 2010, vertrek ik op een nieuwe expeditie. Met een team van 4 wetenschappers (2 Belgen en 2 Japanners) ga ik voor een maand naar het Nansen Ice Field. Dat ligt op 3000m hoogte, ergens tussen hier en de zuidpool, een dikke 130km rijden met een licht konvooi over de Gunnestadbreen en al zijn crevassen. Op het ijsplateau is het ijskoud en er is een eeuwige koude wind. De voorbereidingen van de afgelopen dagen waren dan ook vooral gericht op het samenstellen van een efficiënt en windbestendig, maar mobiel kamp.

Een gemummificeerde husky, die hier al zo'n 50 jaar moet liggen.

Een maand op het ijsplateau betekent geen internet en dus geen nieuws. Ongetwijfeld zorgen de MCers voor allerlei spannende verhalen en knappe foto’s van hun winteractiviteiten. Ik zal pas weer online zijn tegen 25 januari. Ik wil iedereen alvast bedanken voor alle reacties en kerst- en nieuwjaarswensen. Aan allen, een geweldig 2011!

Beste wensen van op deze bijzondere plaats op aarde! Sanne

Field Guiding

26 zondag dec 2010

Toegevoegd door sannebosteels in Coach

≈ 2 reacties

Tags

Antarctica, Field Guide, Geology, Sanne Bosteels, Ski-alpinisme

Antarctic skitouring ©François Tilman

Kerstmis is achter de rug hier en het is hoogzomer. Uit de wind en in de zon is het aangenaam vertoeven bij -5°, warmer dan het nu in België is, hoor ik jullie al denken. Ik ben alweer een dikke week aan het werk rond de basis, maar het eerste wat ik gedaan heb na de terugkeer van de kust, was een grote verzoening tussen snowboard en ski. Enkele leuke afdalingen op niet al te slechte sneeuw.

François Tilman, waarschijnlijk de eerste snowboarder op Antarctica ©Sanne

Voor een keer komen skiërs en snowboarders goed overeen ;-)

De fun was van korte duur, vorige zondag vertrok een grote ploeg naar huis, maar er kwam ook een nieuwe ploeg van in totaal 11 wetenschappers aan hier en die moeten allemaal een opleiding volgen om te kunnen overleven op Antarctica. Dat is mijn werk en ik geef een Field Training van twee dagen waarin alle “basic skills” aan bod komen. Dat gaat van het gebruik van hun persoonlijke uitrusting, “How to shit on Antarctica” tot rijschool met de skidoo en spaltenberging. Terwijl ik deze week bezig was met de nieuwe ploeg wetenschappers, vertrok een konvooi van vier Prinoths naar Crown Bay om het schip, de Mary Arctica, te gaan ontladen.

Dag één van de Field Training. Skidoo-rijschool en leren omgaan met crampons

Het is niet makkelijk om les te geven aan 11 wetenschappers van allerlei pluimage. De voertaal is weliswaar Engels, maar het Engels van een Rus, een Duitser of een Japanner is niet altijd even makkelijk te verstaan ;-) Het gezelschap is erg internationaal, 2 Japanners, 4 Duitsers, 1 Rus, 1 Luxemburger, 1 Zwitser, 1 Franstalige Belgische en een Vlaming. Om die hele bende in de  hand te houden en ervoor te zorgen dat alles veilig blijft, moet ik ogen op mijn rug hebben. Daarbij komt nog dat een deel van die mensen nog nooit op Antarctica geweest zijn en anderen hier al 20 jaar ervaring hebben. Maar dat is geen garantie, want uitgerekend die Duitser met 20 jaar ervaring is de grootste kluns met een Skidoo.

Spaltenberging op de Gunnestadbreen

3 wetenschappers in een crevasse, deze keer gepland ©Sanne

De tweede dag van de Field Training rijden we met de hele bende naar de Gunnestadbreen, waar we een goede didactische crevasse ontdekt hebben. De technieken die ik in Antarctica aanleer zijn wat verschillend van die in de Alpen. Een T-anker werkt hier bijvoorbeeld niet, dus wordt er vooral op basis van Skidoos gewerkt als verankering. Omdat het zo’n mooi weer is, doen we aansluitend een kleine beklimming van Teltet, een nabijgelegen Nunatak. Ik profiteer ervan om nog een ski-afdaling mee te pikken.

De Gunnestadbreen gezien vanop Teltet. Perfect zomerweer

Na de Field Training, werk ik een aantal dagen met de Duitse geologen. Daarbij moet ik een aantal routes uitzetten en afvlaggen naar de Ketelersbreen en de Duboisbreen, twee nabijgelegen gletsjers. Het leuke aan Geologen is dat je ze maar aan een hoop stenen moet afzetten, waarna ze een paar uur zoet zijn. Tijd genoeg dus om wat toppen te beklimmen en beskibare hellingen op te sporen.

Met de geologen in Ketelersbreen

Het weer is niet altijd even goed, maar ook als het bewolkt is, kan er wat gedaan worden. Ik bemerk een opvallende piek boven de samenvloeiing van twee valleien. Van op deze top kan ik de 50km verderop gelegen toppen zien liggen die ik vorig jaar naar An, Hans en Koen genoemd heb. Een goede plek om een steentje van Joris achter te laten en Joris’ Peak te noemen.
Ik schrijf een in memoriam op de rotsen.

De top van Joris Peak, met in de verte Mt Houttequiet, Mt De Backer en Mariën Peak.

De opvallende punt van Joris' Peak links op de foto ©Sanne

Na een dag op de Ketelersbreen, werk ik rond Kerstmis vooral op de Duboisbreen, in beter weer. De geologen trekken van Nunatak naar Nunatak en ik kan ze niet al te lang alleen laten. Ik beklim een paar kleine toppen en ski er telkens weer vanaf. Niks spectaculairs, maar wel leuk.

Stenen rapen in Duboisbreen

Skidoo-skiing op de Nunataks rond Duboisbreen

Gisteren kwam het konvooi terug van de kust en we hebben weer voorraad van alles. Gisterenavond vierden we het kerstfeest, met lekker eten, en met de luxe van echt Belgisch bier: op het schip zat een lading Vedett. Een toepasselijk bier voor Antarctica, let maar eens goed op het etiket van een flesje Vedett. En Kristof slaagde er zelfs in om echte Mojitos te shaken ;-)

Kerstmis op Antarctica, met verse voorraden en echte Mojitos!

Het zal allemaal van korte duur zijn, want over een paar dagen vertrek ik voor een maand met een tweede grote wetenschappelijke expeditie naar één van de koudste plekjes op Antarctica. Meer daarover binnenkort.

Sanne

Utsteinen Nunatak, waarvan ik elke helling afgeskied heb.

← oudere berichten

♣ Events

Momenteel liggen er geen evenementen vast

♣ Mount Coach Sponsors

Mount Coach

over mount coach

Eerste voettekst

Sponsers

K2 Kampeerder KBF Garage Houttequiet

Blog op Wordpress.com. Thema: Chateau door Ignacio Ricci.